Wout Van Aert rijdt iedereen in de vernieling tijdens BK tijdrijden

MIDDELKERKE – Het zou een felle strijd worden met zes topfavorieten: het Belgisch kampioenschap tijdrijden in Middelkerke. Niets was minder waar. Victor Campenaerts (vierde op 1’04”), Thomas De Gendt (zesde op 1‘57”) en Tim Wellens ( zevende op 2’03”) kwamen geen moment in het stuk voor en ook Yves Lampaert (tweede op 31”) en Remco Evenepoel (derde op 38”) konden maar even de schijn opwekken dat ze opgewassen waren tegen een ontketende Wout Van Aert.

27 renners verschenen aan de start. Ze werden opgedeeld in vier groepen. Tim Wellens vertrok in de voorlaatste groep, zodat Kevin De Weerdt zowel hem als Victor Campenaerts kon bijstaan vanuit de volgwagen maar het mocht niet baten. De winnaar van de tijdrit in de Ronde van België slaagde er zelfs niet in beter te doen dan Frederic Frison. De profs dienden drie ronden van in het totaal 38,3 kilometer af te leggen. Lampaert kwam na één derde wedstrijd als snelde door met zes seconden boni op Van Aert maar tijdens de tweede ronde reed die elf tellen sneller dan Lampaert. In de laatste dertien kilometer was Van Aert zowat de enige die niet verzwakte.

‘Jullie kijken allemaal zo raar’, opende de kersverse Belgische kampioen de persconferentie. Dit doet deugd. Ik heb nu toch mijn driekleur binnen. In januari heb ik er in het veld eentje met pijn in het hart laten schieten. Nu zit ik terug op schema: elk jaar een trui.’ Net als in zijn succesvolle tijdrit in de  Dauphiné had hij ook hier een mikpunt. In Frankrijk was dat Boasson Hagen, vandaag Toon Aerts. Lang duurde dat echter niet. Al halfweg de chronorace haalde hij zijn collega-veldrijder bij en liet hem ter plaatse. ‘Na mijn winst in Roanne had ik van dit BK mijn doel gemaakt. Ik probeerde de ganse race wat boven mijn limiet te rijden en dat lukte. Op het eind slaagde ik er zelfs nog in wat te versnellen, iets waar de anderen blijkbaar niet in slaagden. In deze wedstrijd, waar je de  wind ofwel volop kop, ofwel helemaal in de rug had, was het wel fameus beuken.’ Twee jaar geleden nam Van Aert ook deel aan het nationaal kampioenschap tijdrijden in Chimay. Hij werd toen zesde. ‘Dat kan je niet vergelijken. Toen was het mijn eerste deelname. Het parcours was helemaal anders en het was een pak warmer.’

In 2017 werd Yves Lampaert kampioen. ‘Ik ben tevreden met mijn tweede plaats. De nummers één en drie zijn wereldkampioenen. Ik piek altijd naar de kampioenschappen toe. Ik start altijd vrij vlug maar ik slaag er niet in om op het einde nog te versnellen. Ik denk dat ik geen fouten heb gemaakt. Het EK in Alkmaar wil ik zeker rijden maar voor het WK in Harrogate zet ik alles op de weg.’ Op dit parcours, waar er constant diende gebeukt te worden waren de zwaargewichten in het voordeel. ‘Daarom dat ik ook niet klaag met mijn bronzen medaille’, zei Remco Evenepoel. ‘Ik zat constant op schema wat mijn wattage betreft. Het was trouwens de eerste keer dat ik een tijdrit reed die langer dan 25 minuten duurde. Ik wou de fout niet maken van in de Baloise-tour waar ik een te grote versnelling trapte. Tegen Van Aert en Lampaert was ik kansloos. Die mannen staan misschien wel vijf treden hoger dan ik.’

Bij de vrouwen won Lotte Kopecky – die zondag voor de dubbel gaat – voor Jolien D’Hoore en Annelies Dom.

REPORTAGE: EDWIN MARIEN

Pin It on Pinterest