Zdenek Stybar in een zetel naar tweede klassieke overwinning van het seizoen

HARELBEKE 29 maart 2019

Zdenek Stybar heeft zijn tweede klassieke overwinning van het seizoen al op zak. Na de Omloop Het Nieuwsblad was hij vandaag ook de beste in de E3 BinckBanck Classic in Harelbeke. ‘Ik was ambetant’, zei hij na afloop. Wat moet dat worden in de Ronde van Vlaanderen wanneer hij zich wel comfortabel voelt? Dat een renner van Deceuninck – Quick Step zou winnen, stond als een paal boven water toen ploegmaat Bob Jungels tot twee keer toe in de aanval trok. Nadat hij was ingelopen verscheen Stybar op het toneel. ‘In een zetel naar de zege’, noemen ze zoiets al moet je het uiteindelijk nog wel zelf afmaken.

Harelbeke bleef – tegenstelling tot de voorbije jaren – lang een gesloten wedstrijd. De vroege kopgroep bestond dit keer uit Jaime Castrillo, Marc Hirschi, Thomas Sprengers, Aksel Nommela, Ludwig De Winter, Mihkel Raim en Stijn Steels. Later voegde ook Lionel Taminiaux zich bij de leiders. Het peloton liet lang begaan. Zoals dat de laatste tijd wel meer gebeurd bleef de voorsprong beperkt tot vijf minuten. Toch een speciale vermelding voor Hirschi – de voormalige wereldkampioen bij de beloften – die  ook later in de koers zijn neus nog aan het venster stak.

Merkwaardig beeld op negentien kilometer voor het einde toen Peter Sagan de rol moest lossen. Een mechanisch defect leek de oorzaak. In 2016 moest hij het nog afleggen tegen Kwiatkowski. Toen kreeg hij een hongerklop. Nog anderen dienen zich zorgen te maken met het oog op de Ronde van Vlaanderen. Ook Roelandts, Boasson Hagen en (hoeven we daar nog ooit rekening mee te houden?) Boom vertolkten een rol in de schaduw.

Bij Deceuninck-Quick Step speelde men het spelletje alweer perfect. Stybar maande Jungels aan om zijn nummertje van in Kuurne-Brussel-Kuurne nog eens dunnetjes over te doen. De Nederlandse kampioen slaagde dit keer niet in zijn opzet, niet in het minst omdat Greg Van Avermaet zich in het achtervolgend groepje alweer begon te roeren. Hij reed in het gezelschap van Stybar, Bettiol en Van Aert, die we vanaf vandaag echt geen veldrijder meer mogen noemen. Jungels ging er als een bezetene vandoor en haalde snelheden tot 60 kilometer per uur. De laatste twaalf kilometer zijn bijna één lange rechte lijn, die via Deerlijk, de renners naar de aankomstlijn op de Stasegemsesteenweg in Deerlijk voert. Jungels werd inderdaad bijgehaald en Stybar waagde op drie kilometer voor het einde, net voor één van de schaarse bochten, zijn kans. Dit keer waren de rollen omgedraaid en liet zijn Nederlandse ploegmaat ‘het gat’. Van Aert en Bettiol waren echter attent zodat de voormalige wereldkampioen veldrijden het uiteindelijk moest afmaken in de spurt.

‘Uiteraard geven mijn prestaties van de voorbije dagen en weken vertrouwen’, beaamde de Tsjech.  ‘Vanaf het begin van het seizoen deed ik het meer dan behoorlijk. Het is nu zaak om deze conditie aan te houden tot aan Parijs-Roubaix.  Eigenlijk was het een rare koers. Ik heb 100 kilometer afgezien. Ik hoor nu iedereen zeggen dat ik op pluimpjes naar de aankomst werd gedragen maar dat is echt niet zo hoor. Doordat Bob (Jungels) de voorbereiding zo fraai had uitgevoerd zat ik niet in een makkelijke situatie: er werd van mij verwacht dat ik de zaak zou afmaken. Bob zat immers op zijn limiet. Dat was niet makkelijk want Van Avermaet deed het uitstekend. Iedereen heeft het over Greg maar ik keek niet speciaal naar hem. Ik reed gewoon mijn eigen race. Ik bleef inderdaad vaak achteraan bengelen maar dat wil niet zeggen dat ik niks heb gedaan.  Gelukkig kon ik wel vanaf de Tiegemberg mijn krachten wat sparen. Anderzijds wist ik dat ik een kans maakte omdat de anderen energie hadden verbruikt in een poging om Jungels terug te halen. Ik hoopte dat ze veel pijn hadden gehad. Toen ik het initiatief nam, slaagde ik erin om het hen op mijn beurt lastig te maken. Uiteindelijk blijft het een moeilijke opdracht tegen al die snelle mannen.’

GEEN ZELFMOORDPOGING

‘De aanval van Jungels was zeker geen zelfmoordpoging. Iedereen heeft kunnen zien wat hij in Kuurne heeft gepresteerd. Tijdens de sprint hadden we de wind op kop. Bob heeft toen goed tempo gemaakt tot op iets meer dan 200 meter voor de meet. Nu, ik sta al een heel stuk verder dan vorig seizoen, dat ik moest afsluiten zonder overwinning. Ik was al content dat ik in de Algarve won. Nadien volgde de Omloop Het Nieuwsblad. In de Tirreno en nadien Sanremo heb ik gewerkt voor de ploeg. Vandaag kon ik opnieuw aan mezelf denken.’

Of Stybar de nieuwe Terpstra is? ‘Bedankt dat jullie me dat compliment geven maar je kan nu éénmaal geen twee renners met elkaar vergelijken. Ik denk niet dat ik zijn niveau al haal. Ik ben indertijd overgestapt van het veldrijden naar de weg om me te amuseren en dat ben ik nu volop aan het doen.  Het was belangrijk om hier te staan want uiteraard weet ik ook dat dit de kleine Ronde van Vlaanderen is.’

Wout Van Aert werd fraai tweede maar relativeerde zijn prestatie. ‘Ik kon vandaag voelen dat dit toch een andere wedstrijd is in vergelijking met wat we de vorige weken voor de wielen kregen geschoven. Uiteraard hoopte ik te winnen. Wanneer je met vijf man naar de meet gaat dan ga je voor de zege. Nu was het Stybar die het haalde. Hij verkeerde in de luxe om gedurende twintig kilometer in het wiel te kunnen blijven zitten. Ik was gefocust op zijn aanval. Tenslotte wist iedereen dat die er ging komen. Je mag hem geen tien meter geven of hij is weg.’

Greg Van Avermaet – goed voor de derde plaats – liet zich voor het eerst dit seizoen echt zien na een wat tegenvallende Milaan-Sanremo. ‘Dat zeggen jullie. Het is niet omdat ik geen fraai resultaat behaalde dat ik het er slecht deed. Ik wist dat de conditie er was. Vandaag zaten we met een mooi groepje maar uiteindelijk waren het enkel Wout en ik die de jacht voerden op Jungels. Gedurende de hele wedstrijd waren het altijd dezelfden die reden en dezelfden die bleven zitten.  Deceuninck – Quick Step is veruit de sterkste formatie. Aan de voet van de Patersberg hadden al de anderen nog maar één renner in de spits. Lampaert en Gilbert zaten in het groepje achter ons. Normaal werkt zoiets in ons voordeel maar niet wanneer Jungels alleen op kop zit natuurlijk. De Patersberg moet je proberen aan te vatten in eerste of tweede stelling. Dat deed ik, dus ik heb me niks te verwijten. Natuurlijk is onze ploeg minder sterk dan de jongens van Lefevere maar ik kan niemand daarvoor op de vingers tikken. Misschien dat ik meer had verwacht van Wisniowski. Anderzijds leverde Schär prima werk af.’ De twee Belgische toppers zullen zich de komende dagen nog vaker in de ogen zien, al past Van Aert voor Dwars door Vlaanderen. ‘In de week voor de Ronde rij ik geen koersen. Nadien volgen nog Parijs-Roubaix en de Amstel Gold Race. Dan zit mijn voorseizoen erop.’ Een verwittigde tegenstander is er twee waard.

Edwin MARIËN

Pin It on Pinterest