Sportarts Tom Teulingkx: ‘wielrennen onder de veertien jaar is niet verstandig’

ANTWERPEN – In het KAVA Congress Center in de Lange Leemstraat in Antwerpen werd vanmiddag een congres gehouden over sport-gerelateerde hartstilstand. Jaarlijks krijgen tientallen jonge sporters in ons land een harstilstand maar niemand weet exact hoeveel het er zijn. De wetenschappelijke literatuur heeft het over  vier tot vijf sport-gerelateerde overlijdens per 100 000 sporters onder de leeftijd van 35 jaar. In België zou het dus om 30 tot 40 jonge mensenlevens per jaar gaan.

Een ander probleem: evenmin weet iemand wat ze gemeen hebben. Het symposium probeerde een antwoord te bieden op vragen als ‘Hoe krijgen we een betere kijk op de aard en omvang van dit fenomeen?’ ‘Kunnen we het voorkomen?’ En: ‘Hoe moeten andere jongeren, trainers of scheidsrechter reageren als het gebeurt?’ De keynote-lezing werd gebracht door Mary Sheppard, een wereldautoriteit inzake harstilstand bij jongeren. ‘

Tom Teulingkx, sportarts en voorzitter  van het organiserende SKA (Sport- en Keuringsartsen): ‘Wielrennen is zeker niet de enige sport die wordt getroffen door het fenomeen. De meeste slachtoffers vallen in de zogenaamde start-stopsporten, zoals basketbal en voetbal, waarin talrijke explosieve inspanningen worden afgewisseld met korte rustperiodes. Sport is en blijft gezond. Het klopt dat mensen die nooit sporten ook niet dood kunnen vallen tijdens het sporten, maar het risico dat ze op een ander moment doodvallen, is voor hen veel groter dan voor mensen die wél genoeg lichaamsbeweging hebben. Dat alles neemt niet weg dat sport, en intensieve sport in het bijzonder, op zich ook een  licht verhoogd risico op een hartstilstand meebrengt.’

‘We weten te weinig van de mechanismen die tot een hartstilstand bij jonge sporters leiden. Vaak hadden de slachtoffers al een verborgen hartstoornis, maar mogelijk spelen ook virale infecties en andere ontstekingsprocessen in de hartspier een rol, net als de extreme belasting die optreedt tijdens trainingen en wedstrijden. Wat doen zulke inspanningen in de loop der jaren met het hart van een jonge sporter? En wat is de invloed van voedingssupplementen, pijnstillers en andere geneesmiddelen?’

Teulingkx blijft niet blind voor het feit dat op geregelde tijdstippen het hart van een jonge wielrenner het laat afweten. ‘Meestal gaat het om mannelijke renners tussen 20 en 25 jaar (die dus al vijf tot tien jaar hard hebben getraind), die veelal de rol van knecht of waterdrager vervullen. Zij zijn het die als jeugdrenners voortdurend in het donkerrood moesten gaan om de supertalenten bij te benen en die te weinig rust nemen. Het is niet verstandig dat dertien-, veertienjarigen,die nog in volle ontwikkeling zijn, zich blootstellen aan het harde labeur van het wegwielrennen. Zij kunnen beter eerst gaan  BMX-en, mountainbiken of veldrijden, waar ze een veel completere training krijgen. Als ik zie met wat voor materiaal ze koersen, welke wattages ze hanteren, welke trainers ze onder de arm nemen, supplementen ze slikken of diëten ze volgen, dan kan ik enkel maar het hoofd schudden.’ Dokter Teulingkx is huis- en sportarts in Westerlo. Hij was tien jaar dopingcontrole-arts bij de Vlaamse Gemeenschap en is nu lid van de Medische Cel van Belgian Cycling, Cycling Vlaanderen en  Sporta-federatie en bondsarts van de nationale wielerploegen. (EM)

Pin It on Pinterest