A1A3EdwinWielrennen

Laurens Sweeck de beste in snelheidscross van Lille voor Toon Aerts

LILLE – Laurens Sweeck heeft na de supersnelle cross van Lille zijn zevende overwinning van het seizoen behaald. In een spurt met drie was hij sneller dan Toon Aerts en Eli Iserbyt. Niels Vandeputte werd vierde op zes seconden, Jens Adams zevende op elf seconden, in dezelfde tijd als Toon Vandebosch (negende).

Traditiegetrouw ging Toon Aerts het snelst van start. Samen met Iserbyt speelde hij haasje-over in de openingsronde. Toen de twee met elkaar in aanraking kwamen in de zandstrook maakte Iserbyt even een wegwerpgebaar. Sweeck was bevoorrecht toeschouwer en nam meteen de leiding over. Maar hij geraakte niet weg. Halfkoers een tafereel dat we nog niet al teveel gezien hebben in de cross. Een tiental renners – met onder meer Aerts, Vandeputte en Adams – reed voorin.

Het was wachten wie het voortouw zou nemen. Dat was Niels Vandeputte. Het was meteen het begin van een spetterende finale, waarin ook (opnieuw) Iserbyt en Aerts een hoofdrol speelden. En wie dook uiteindelijk ook nog op? Laurens Sweeck. De man uit Schriek was intrinsiek de snelste van het trio dat de laatste rechte lijn indook en bewees dat ook.

Sweeck: ‘Uiteraard  ben ik heel tevreden. Wanneer je binnen de week twee keer wint doen moet je wel content zijn. Misschien was ik wel de topfavoriet maar wanneer je de uitslag bekijkt dan merk je toch dat het veld dicht bij elkaar lag. De benen moeten toch altijd goed genoeg zijn. Anders kan je niet aanwezig zijn in de finale.’

‘Anderhalve ronde voor het einde legde Niels zijn kaarten op tafel en ik had het gevoel dat dat redelijk beslissend was. Het ging plots heel snel. Iedereen zat zowat op de limiet. Het was zaak om – op het moment dat alles zowat in een definitieve plooi kwam te liggen – een goede positie in te nemen. Een kans om op te schuiven was er niet. Uiteindelijk lukte ik daar goed in tijdens de laatste ronde.’

‘Ik had liever op kop gezeten in het zand, net voor we de laatste lijn ingingen. Eli reed echter ook goed door. Hierdoor kon ik bij het opdraaien van de laatste rechte lijn in zijn richting sprinten en hem op die manier remonteren. Ik had wel geen idee hoe kort de andere twee achter me zaten maar toen ik keek was het geruststellend.’

‘Je moet altijd rekening houden met diverse factoren. Daarom ben je het veiligst wanneer je op kop rijdt. Maak je dan een fout dan maakt het niet veel uit want dan zitten ze achter jou ook in de shit. Dat was nu niet het geval waardoor er toch wat extra druk kwam bij kijken. Ik was blij omdat ik het min of meer perfect deed.’

‘Een finale rijden in groep is me dit jaar heel goed gelukt. Ik heb heel veel wedstrijden gewonnen waarbij het veld kort bij elkaar lag. Dat geeft toch wel een extra kick. Gezien mijn overwinningen blik ik heel tevreden terug op dit seizoen. Ik had misschien liever iets minder slecht gereden in mijn mindere wedstrijden maar wanneer ik – zoals gisteren – zevende word  en ik dan voor de rest twee keer kan winnen, dan ga ik niet klagen. Liever dat dan drie keer vierde eindigen. Zodoende kijk ik heel tevreden terug naar de voorbije maanden.’

‘VORIG JAAR OVERKWAMEN ME EEN AANTAL ZAKEN DIE NIEMAND IN DE HAND HAD’

‘Dit was een bijzonder snelle cross. Ik denk dat Merksplas even rap was. Halfkoers reed ik een tijdje aan de leiding na een zandstrook. Achter mij haperde het even. Daarmee kon ik een redelijke kloof slaan maar ik was niet goed genoeg om vanaf dan alleen voorop te rijden.’

‘Ik zou er nog graag een zege bij doen. Ik heb nu zeven overwinningen. Twee jaar geleden waren het er in het totaal acht. Ik zou dat aantal nog graag evenaren en misschien zit er zelfs nog wat meer in. Normaal start ik zowel nog in Sint-Niklaas en Brussel volgende week en in Oostmalle het weekend nadien.’

‘Vorig jaar overkwamen me een aantal zaken die niemand in de hand had zoals die spierscheur en die coronabesmetting. Dat zijn zaken waar je niets aan kan doen. We hebben deze zomer en de laatste maanden richting seizoen geprobeerd met heel de ploeg om goed te trainen en ik denk dat we daar in geslaagd zijn.’

‘De gezamenlijke crosstrainingen hebben we iets anders aangepakt. We hebben langer en intensiever getraind. Dat heeft wel gerendeerd. Van mijn zeven overwinningen vind ik Diegem misschien wel de mooiste.’ Sweeck won in  Maldegem, Koksijde, Diegem, Merksplas, Niel, Essen en nu in Lille.

Toon Aerts moest vrede nemen met een tweede plaats. ‘Omdat ik Sweeck vorige maand in Otegem klopte, geloofde ik in mijn sprintkansen. Maar dan had ik wel in het wiel van Sweeck de laatste rechte lijn moeten opdraaien en dat gebeurde dus niet. Hij had al net iets te veel voorsprong kunnen nemen.’

‘Ik rijd deze Krawatencross echt wel graag. Het is een wedstrijd in mijn streek en dan heb je daarmee meteen een speciale band. Ik had een stevige verkenning achter de rug. Voor aanvang van de koers reed ik het parcours vier tot vijf keer en wist ik meteen op welke stukken je zou moeten verdedigen en waar je kon aanvallen. Met dit alles in het hoofd ben ik de finale ingegaan. Ik probeerde telkens op kop de passages in de zandbak te nemen en kon zo telkens wat bekomen.’

Ook in de stand van de X20 Trofee is Aerts tweede. Volgende zondag start hij in de slotmanche in Brussel met een achterstand van 2’37” op Eli Iserbyt. ‘Om Eli nog te kunnen bedreigen, is mijn achterstand echt wel te groot. Maar ik kan daar tweede worden in het eindklassement en dat vind ik ook lang niet slecht. Dat betekent dat je over al die wedstrijden goed presteerde.’

Yordi Corsus won de Krawatencross bij de beloften. De negentienjarige renner uit Wiekevorst hield de Nederlander Guus van den Eijnden en Kay De Bruyckere van zich af. In de stand van de X2O Badkamers Trofee blijft De Bruyckere leider bij de beloften. Hij heeft nu 2’07” voorsprong op Corsus.

Al in de eerste ronde nam Corsus afstand van de rest. Hij bleef er een strak tempo op nahouden en trok de derde ronde in met een voorsprong van zeventien seconden. Corsus kwam niet meer in de problemen en pakte zo naast de Flandriencross in Hamme een tweede zege in de X2O Badkamers Trofee.

Edwin MARIËN

Views: 31

This website uses cookies. By continuing to use this site, you accept our use of cookies.  Learn more