Julian Alaphilippe: ‘De Waalse Pijl ligt me het best maar ook zondag sta ik er’

HOEI – Geen Mathieu van der Poel aan de start van de Waalse Pijl en dat bood perspectieven voor Julian Alaphilippe en Jakob Fuglsang, de twee heren die zich afgelopen zondag in de finale van de Amstel Gold Race zo lieten ringeloren door de Vliegende Hollander. Alaphilippe greep deze kans volop en won het eerste van het Waalse tweeluik met sprekend gemak. Zondag, tijdens La Doyenne, de laatste klassieker van het voorjaar, kan de Fransman opnieuw toeslaan, al staat er dan ook ene Philippe Gilbert aan de startlijn.

Kenneth Van Rooy, Joey Rosskopf, Robin Carpenter, Tom Wirtgen en Koen Bouwman kregen een vrijgeleide van het peloton in een voor het overige gesloten Waalse Pijl. Gelukkig stond de verschrikkelijke muur van Hoei drie keer op het menu, een stevige klim van 1,3 kilometer met een gemiddelde van 9,6 procent en een maximaal percentage van negentien procent. Bij de eerste doortocht, met nog 58 kilometer voor de boeg, werden de kaarten helemaal her-schud maar veel gevolgen had dit allemaal niet. Wirtgen haakte vooraan af en het overblijvende drietal zag zijn voorsprong zienderogen slinken. Met nog 30 kilometer te gaan waren het vooral de renners van Astana en Lotto Soudal die het onderste uit de kan haalden.

Tomasz Marczynski kon niet verhullen dat hij over geweldige benen beschikte. Tot twee keer toe ging hij in de aanval. In laatste instantie werd hij nog bijgehaald door Mohoric maar tijdens de laatste zes kilometer kwamen nog 25 renners in aanmerking voor de overwinning. En wat zagen we tijdens de slotklim? Dezelfde twee renners als vorige zondag (Alaphilippe en Fuglsang)  deden een gooi naar de overwinning. Ook nu zette Fuglsang van te ver aan maar Alaphilippe kon hem eenvoudig ‘terug naar af’ zenden.

Alaphilippe mag zich meer dan terecht de Keizer van de Ardennen noemen. Dertien keer nam hij deel aan de Waalse Pijl en Luik-Bastenaken-Luik. Hij behaalde vijf overwinningen en twee tweede plaatsen. De Waalse Pijl lijkt hem nog het best te liggen: goed voor twee keer goud en evenveel maal zilver op vier deelnames.

 

Dit is al de negende overwinning van het seizoen voor Alaphilippe. ‘Deze klassieker ligt me echt nauw aan het hart. Na mijn vier deelnames stond ik telkens op het podium. Ik heb al heel wat gewonnen dit seizoen maar deze wedstrijd wilde ik er sowieso nog graag bijnemen. Mijn ploegmaats verdienden dat want ze hebben het opnieuw geweldig goed gedaan. Het parcours zorgt ervoor dat het een nerveuze koers was, ook door de wind. Voor de zoveelste maal kwam ik Fuglsang tegen op het einde. Opnieuw was hij mijn sterkste tegenstander. Het is nu zaak om goed te herstellen in de aanloop naar Luik-Bastenaken-Luik toe.’

‘Vorig jaar behaalde ik hier mijn eerste grote overwinning van het seizoen tegen een hele grote mijnheer: Alejandro Valverde. Door deze zege en het feit dat mijn voorjaar al bijzonder goed was, waren de verwachtingen hoog gespannen vanochtend. ‘ Van Valverde – die morgen 39 jaar wordt – was dit keer nauwelijks sprake. Hij eindigde als elfde. ‘Dat wist ik niet. Daar ben ik niet meteen mee bezig. Van bij de start concentreer ik me op de koers. Mijn ploegmaats hebben me in de best mogelijke omstandigheden naar de finale geloodst en daar kwam ik dan weer een superster tegen waardoor mijn zege alleen maar meer glans krijgt. Vooral in de finale deden Dries (Devenyns) en Enric (Mas) het voorbeeldig.’

GEEN REVANCHE VOOR ZONDAG

‘Of dit een revanche was voor zondag? Waarom zou het? In de Amstel Gold Race ben ik op 40 kilometer voor het einde in de aanval gegaan en uiteraard hoop je dan dat het lukt maar het mocht niet zijn.  Alaphilippe is een aardig palmares aan het opbouwen dit seizoen. Winst in Milaan – San Remo en de beste in zowel de Strade Bianche als nu in Hoei. Merkwaardig. ‘De voorbije jaren was ik op dit moment teveel vermoeid. Nu sta ik er voortdurend: helemaal aan het begin van het seizoen, tijdens de ‘Italiaanse’ periode en nu ook. Ik kan dan alleen maar bijzonder tevreden zijn over dit seizoen en start in Luik-Bastenaken-Luik met veel ambitie. Vroeger werd ik vlug nerveus maar nu probeer ik kalm te blijven wat niet evident is door de wind en het feit dat ook de anderen supergeconcentreerd zijn. Tot overmaat van ramp moest ik onderweg dan nog van fiets veranderen.’

Uiteraard werd er ook nog een vraag gesteld over ‘het fenomeen’. ‘Van der Poel is subliem. Die had geen overgangsperiode nodig na zijn crossseizoen. Geweldig toch wat hij doet en vergeet niet dat hij na zijn val in de Ronde van Vlaanderen nog terug kon komen op de Kwaremont. Hij is een zegen voor het Nederlandse wielrennen maar ook voor mij. Het is leuk koersen tegen hem al win ik ook wel eens graag een keer. Met Fuglsang is het plezierig om in de aanval te rijden. We weten wat we aan elkaar hebben: ik werk voor hem, hij koerst mee met mij. Natuurlijk zeg je al weleens iets tegen elkaar maar vandaag was dat niet veel hoor. Daar was de koers veel te nerveus voor.’

Ook nu was Bjorg Lambrecht (22) de beste Belg. Hij viel net naast het podium. ‘Het was een lastige wedstrijd. Ik probeerde telkens het tempo te maken op het einde van de steile stukken. Ik draaide de Muur tijdens de slotklim op in tiende positie. Dat gebeurde niet toevallig. Dat hadden we vooraf doorgenomen. Op het einde moest ik terug in het zadel gaan zitten en daardoor eindigde ik niet bij de eerste drie. 500 meter is net iets te lang. Luik-Bastenaken-Luik is inderdaad mijn volgende doel. De benen blijven goed dus neem ik aan dat dit zondag ook nog zo zal zijn. Of ik nu dé nieuwe klimmer ben? Noem me liever de nieuwe puncher.’

Vorig jaar werd Lambrecht nog 71ste  in Hoei. Over een vooruitgang gesproken. ‘Toen was ik nog niet zo sterk. Nu verkeer ik in topvorm en heb ik me al een paar keer kunnen laten zien in belangrijke wedstrijden. Dit geeft veel vertrouwen want uiteraard ben ik nog jong en hoop ik om een mooi palmares uit te bouwen. Op mijn leeftijd al een beschermd renner zijn is niet evident. Ook zondag zal dit het geval zijn.’

De Gentenaar gaat nog niet meteen aan het zweven. ‘Ik doe het zoals bij de beloften: stukje voor stukje. Ik merk dat ik op een logische manier progressie maak. Bij de jongeren had ik één jaar nodig om me aan te passen. Het eerste seizoen was een leerschool, gedurende het tweede maakte ik progressie en tijdens het derde behoorde ik tot de top. Ik hoop dat ik een soortgelijk schema kan volgen bij de profs. Ik maak het me zelf niet makkelijk maar dat moet ook als je wil bijleren. Zo koerste ik de zware Ronde van het Baskenland waar ik tweede eindigde in de tweede etappe.’ De winnaar? Ene Julian Alaphilippe.

Edwin MARIËN

 

 

Pin It on Pinterest