BOIC wijzigt selectiecriteria voor Olympische Spelen van Tokyo niet

De raad van bestuur van het Belgisch Olympisch en Interfederaal Comité (BOIC) heeft beslist om de internationale selectiecriteria toe te passen voor de volgende edities van de Olympische Spelen.

In de aanloop naar Rio 2016 besloot de raad van bestuur van het BOIC om enkel nog de internationale criteria toe te passen, die worden opgesteld door de Internationale Federaties in overleg met het Internationaal Olympisch Comité, en geen eigen criteria meer te hanteren. Deze belangrijke beslissing van het BOIC werd genomen na raadpleging van de sportadministraties, het grootste gedeelte van de sportfederaties en de selectie- en atletencommissie. Na de Olympische Spelen van Rio in 2016 en die van Pyeong Chang van dit jaar zou er een evaluatie volgen.

De raad van bestuur van het BOIC heeft nu – unaniem – besloten om de internationale criteria verder te handhaven voor de volgende edities van de Olympische Spelen.

Het BOIC kan in bepaalde gevallen – op vraag van de sportfederaties – uitzonderingen toestaan aan bonden die striktere criteria zouden willen opstellen en dit enkel om sportieve redenen. Naast deze uitzonderingen zal het BOIC erop toezien dat de sportfederaties ‘interne selectiecriteria’ opmaken. Deze moeten worden toegepast indien in een bepaalde sportdiscipline het aantal selecteerbare atleten hoger ligt dan het aantal atleten dat mag deelnemen aan de Spelen.

Deze interne selectiecriteria zullen nauwgezet moeten worden opgesteld en tijdig worden bekendgemaakt om aan de betrokken atleten voldoende ruimte te geven om zich in alle sereniteit en in optimale omstandigheden voor te bereiden.

Het is niettemin belangrijk om het onderscheid te maken tussen ‘selectiecriteria’ en ‘doelstellingen inzake topsport’ die moeten overeenstemmen met de missie en de visie van het BOIC: ‘Bijdragen tot het imago van een succesvol land en dit succes delen met iedereen door het aantal Belgische atleten in de wereldtop (Top acht) op de Olympische Spelen aanzienlijk te verhogen.’

Het verschil tussen Belgische en internationale normen leidde in het verleden tot wrevel bij de atleten. Toch blijven ook nu nog conflicten mogelijk. Wanneer twee atleten voor één plaats kampen moet de bevoegde federatie in samenspraak met het BOIC beslissen. Bovendien lopen de normen in de verschillende disciplines fors uiteen. Een individuele turner bijvoorbeeld moet veel hoger staan op de internationale ranking dan een golfer. En de internationale federaties zijn niet altijd een voorbeeld van doordacht beleid.

De vroegere, strengere, Belgische selectiecriteria hielden zeventien atleten weg uit Peking en vijf uit London. Voor London eiste het BOIC één keer een voorafgaande top 8-plaats op een internationaal tornooi, vier jaar vroeger waren twee dergelijke prestaties nodig. Bovendien hield men vanaf 2012 rekening met doorgroeimogelijkheden van de geselecteerde atleten. Of de selectiecriteria een invloed hebben op het aantal medailles is niet meteen meetbaar. In Peking haalde men er twee, in London drie en in Rio zes maar of er een verband is met de gehanteerde criteria valt te betwijfelen. (EM)

 

 

Pin It on Pinterest