Standard behaalt achtste Belgische beker na een draak van een finale

In de ijskelder van de Heizel heeft Standard zijn achtste beker van België behaald. De wedstrijd brak pas open tijdens de verlengingen. De eerste 90 minuten waren van een schandalig slecht niveau. In de 85ste minuut kwam Genk het dichtst bij een doelpunt maar het was Renaud Emond die in de eerste minuut van de bijkomende tijd de bal écht in doel liet verdwijnen. Het feest in de Vurige Stede zal wellicht tot vroeg in de ochtend duren maar ook in de rest van het land heeft men reden tot juichen. Het goede nieuws is immers dat de Belgische voetballiefhebbers het volgend weekend niet hoeven te kijken naar dergelijk schabouwelijk spektakelstuk, het slechte is dat op 31 maart de playoffs van start gaan.     

De Belgische bekerfinale, tussen Standard en Genk, was illustratief voor het ontzettend laag niveau van onze competitie en het schandelijk amateurisme van de voetbalbond. In geen enkel voetballand, die naam waardig, wordt de bekerfinale in ijskoude temperaturen afgewerkt. Overal is het een feest waarbij de toeschouwers in hemdsmouwen of shirtjes van hun club naar het stadion trekken. In ons land ligt dat anders. Op de koudste zeventiende maart uit de geschiedenis moesten de nummers één uit Luik en Limburg tegen elkaar in de wei, excuseer: op het beton van de Heizel.

Ons nationale voetbalstadion heeft geen veldverwarming. Hierdoor konden beide teams er  vrijdag zelfs niet op trainen. Op de dag van de wedstrijd zelf toonden de Luikse fans zich op een trein richting Brussel én in het Centraal Station van hun smalste kant toen ze voetzoekers lieten ontploffen. Tijdens het spelen van de Brabançonne ging het klank- en lichtspel rustig door, meer zelfs, nu lieten ook de aanhangers van Genk zich niet onbetuigd. Maar het beste moest nog komen. Seconden vooraleer de aftrap moest worden gegeven stelde de scheidsrechter vast dat één van de netten stuk was. Bij elke vierdeprovincialer wordt zoiets bij de opwarming gecontroleerd maar niet zo tijdens de Belgische bekerfinale.

De gevoelstemperatuur was al gezakt naar min acht graden toen de wedstrijd eindelijk op gang werd gefloten. De eerste helft werd een maat voor niets. De 44 807 naïevelingen, die zich allicht zullen verheugen op een nieuwe aflevering van FC De Kampioenen volgende week, bibberden zich de tanden stuk. De Siberische toestanden, het onbespeelbare veld, de onkunde van de 22 acteurs en een scheidsrechter die de kaarten aanvankelijk op zak hield: het waren de ideale ingrediënten voor een cocktail die zwaar op de maag bleef liggen. Tijdens 45 minuten noteerden we – met heel veel goede wil – één enkele (halve) kans voor Edmilson. De bal vloog over het doel. Genk probeerde af en toe een actie op te zetten maar schrok terug eens het in de buurt kwam van Gillet. De prijs voor het betere trek- en duw-werk ging naar Luyindama en daarmee was echt alles gezegd.

Na de rust trok Standard het initiatief – of wat daar moest op lijken – naar zich toe. Edmilson en Fai zorgden zowaar voor kansen. Ondertussen gingen de coaches, Sa Pinto en Clement, langs de kant als bezetenen te keer. Was het in een poging om wat op te warmen of uit frustratie bij het aankijken van al dat geklungel? Hun gedrag was in ieder geval wraakroepend. In Engeland zou men hiervoor worden gesanctioneerd, in België kraait er geen haan naar. En dan maar klagen dat ook in het jeugdvoetbal wordt gevloekt en getierd dat het een lieve lust is. Vijf minuten voor het einde van de 90 minuten leken de toeschouwers uit hun lijden te worden verlost maar Standard-doelman Gillet dook een kopbalpoging van Aidoo, na een hoekschop van Malinovsky, uit zijn doel. De kelk moest tot op de bodem worden geledigd. De verlengingen waren een feit.

NEMEN LARDOT EN DE VIDEO-REF DEEL AAN DE PARALYMPISCHE SPELEN?

Wat niemand mogelijk achtte, gebeurde in de eerste minuut van de extra tijd: er viel een doelpunt. Standard counterde voor één keer gevat. Mpoku gaf de bal door aan Carcela, die met wat geluk de controle behield en aan de verste paal Renaud Emond bereikte. Die kopte gevat binnen. Doelman Vukovic, die het ronde ding tussen zijn handen zag verdwijnen, stond als een sneeuwman roerloos aan de grond genageld. De doelpuntenmaker, die drie jaar anoniem in de coulissen van Sclessin ronddwaalde, kwam pas onlangs, na de winterstop, tot ontplooiing. Dat had hij vooral te danken aan zijn medespelers die bij hun coach gingen lobbyen om hem een kans te geven. Tegen Oostende scoorde hij het winnende doelpunt, tegen Club Brugge lukte hij een hattrick. Niets bleef de toeschouwers bespaard. De eerste verlenging duurde twintig minuten. Dat was het gevolg van een doodschop van Lyindama op Seck, maar zowel de scheidrechter als de video-ref solliciteerden voor een plaats in de paralympische ploeg die in 2020 zal deelnemen bij de categorie ‘blinden en slechtzienden’. De Congolees nam met de glimlach de gele kaart in ontvangst. Tijdens het laatste kwartier hadden we het te druk om het aantal kaarten bij te houden. Uiteindelijk kwam we uit op elf gele stuks en één rood kartonnetje (voor Nastic). In feite hadden drie spelers voortijdig naar de kleedkamers moeten worden gestuurd.   

Olivier Rénard, sportief verantwoordelijke bij Standard, zag de drie doelstellingen van de club in één klap in vervulling gaan. ‘Het was dit jaar onze bedoeling om play-off één te halen, de beker te winnen en een plaats in de Euroleague te veroveren. We kunnen nu zonder zorgen aan de laatste fase van de competitie beginnen. We mogen niet ontkennen dat we een moeilijk seizoen doormaakten maar we zitten op de goede weg. Het is de bedoeling om op deze manier verder te werken. Het financiële aspect is belangrijk maar wat me nog meer verheugd is het feit dat we opnieuw tot de Belgische top behoren.’ Trainer Sa Pinto vond dat zijn team de beker verdient heeft gewonnen, vooral op basis van de resultaten in de voorgaande wedstrijden. ‘We versloegen Anderlecht en Club Brugge, de twee beste ploegen in België. Dan hoef je je niet te schamen dat je hier met een trofee staat te pronken. De wedstrijd vanavond was niet makkelijk. Genk speelde voor de rust bijzonder agressief maar uiteindelijk konden wij de match naar onze hand zetten.’

Uiteraard was Philippe Clement een heel andere mening toegedaan. ‘Standard heeft de enige kans die ze hebben gehad benut. Het is niet altijd de betere ploeg die wint. Veel hangt af van details. Wij hadden de zege meer dan verdiend maar ik kan niemand iets verwijten, ook onze doelman niet. Mijn spelers hebben, net zoals de supporters, alles gegeven. Drie maanden geleden zaten we nog in slechte papieren en vandaag grijpen we net naast de beker. Maar goed, wanneer je de kansen niet afmaakt kan je niet winnen. Wat me echter het meest ergert is dat er vandaag te weinig effectieve speelminuten waren. Hierdoor hebben wij niet de kans gekregen om die achterstand weg te werken. Het is de eerste maal dat ik het meemaak dat de blessure van een speler op het veld wordt genaaid. Meer zelfs, er  werd geen seconde voor bijgeteld. Dit is echt ongezien.’

 

Tekst: Edwin Mariën
Foto: FB Standard Luik

Pin It on Pinterest