Quick-Step schudt een nieuw sprinttalent uit de boom in Nokere: Fabio Jakobsen

Er zijn van die sportteams die maar aan een boom hoeven te schudden en de rijpe appels vallen eruit. In het wielrennen is dat Quick-Step. Toevallig is dat niet. Patrick Lefevere heeft een oog voor talent. ‘Bij het Nederlandse opleidingsteam SEG Racing Acamedy heeft Fabio Jakobson bewezen over veel talent te beschikken, dus we hoefden geen twee keer na te denken en boden hem een tweejarig contract aan’, zei de manager van België’s meest succesvolle team aan het begin van het seizoen. Dat blijkt een gouden zet te zijn. Jakobsen fietste zich woensdag in Nokere Koerse in de kijker en won met gemak de spurt van een 30-koppige groep voor Amaury Capiot en Hugo Hofstetter.

De ochtend was nochtans niet echt leuk begonnen voor Quick-Step. Dries Devenyns, die moest opgeven tijdens de laatste etappe van Parijs-Nice wegens hevige pijnen in de onderrug en het linkerbeen, werd gisteren in Herentals geopereerd. Hij heeft een hernia opgelopen en is maanden out.

Het parcours van Nokere Koerse was hertekend – lees: er werden meer kasseistroken opgenomen – en dat leek een kolfje naar de hand van Wout Van Aert. Die schudde meer dan eens aan de boom, offerde in de slotfase zijn kansen op voor teamgenoot Sean De Bie en finishte uiteindelijk op een halve minuut van het peloton. Want, ondanks de ingrepen van de organisatoren, kwam het uiteindelijk toch tot een sprint. Acht renners hadden de koers gekleurd van bij de start tot tien kilometer voor het einde. Onder hen één landgenoot: Timothy Stevens van Cibel-Cebon maar de snelle benen kwamen weer samen en de 21-jarige Jakobsen won met sprekend  gemak.

De man, die in het nietige Heukelum woont, is tweevoudig Nederlands kampioen bij de beloften en was blij als een kermisvogel toen hij een contract mocht tekenen bij Quick-Step. ‘Ik denk dat iedere jonge renner ervan droomt om ooit prof te worden, maar om een aanbieding van deze ploeg te krijgen, daar zijn bijna geen woorden voor. Ik weet dat het geen makkelijke stap is maar met veel hard werk, vastberadenheid en toewijding kan ik ver komen in de profwereld. Ik denk niet dat ik een betere ploeg kan vinden om mij te ontwikkelen als renner. Ik heb er vertrouwen in dat de ploeg mij het allerbeste kan bieden om mij verder te helpen en hopelijk kan ik ooit gaan dromen van winst in één van de klassiekers. Dat is echter nog toekomstmuziek. Ik ben een snelle jongen maar kan ook ook lastige finales aan.’

 Aan lef ontbreekt het de Gelderlander alvast niet. In december vorig jaar kreeg hij uit handen van Hennie Kuiper de Gerrie Knetemann-trofee, de prijs voor de meest veelbelovende Nederlandse wielrenner van 2017. Wie zich aan een bescheiden dankwoord verwachtte kwam bedrogen uit. ‘Mag ik er op wijzen dat mijn naam verkeerd is geschreven op de beker. Het is Jakobsen met een ‘k’ en niet met een ‘c’’, merkte hij fijntjes op. Lef is een eigenschap die je als snelle jongen maar beter kan hebben. ‘Ik heb de finale van vorig jaar goed bekeken en wist dat ik het op dezelfde manier als Bouhanni moest aanpakken.’ Jaboksen rijdt vooralsnog een bescheiden programma. ‘Vrijdag start ik in Handzame, dan volgen De Panne en de Scheldeprijs, in dienst van Viviani. Na een week rust zie ik wel wat er volgt, mogelijk Noorwegen en de Dauphiné.’

Tekst: Edwin Mariën
Foto: Fabio Jakobsen TWITTER / @QUICKSTEP

Pin It on Pinterest