Oliver Naesen houdt met een ultieme jump Sep Vanmarcke van Belgische titel

ANTWERPEN – Oliver Naesen heeft zijn eerste grote overwinning te pakken. De kustbewoner reeg als eliterenner zonder contract de overwinningen aan elkaar maar op het allergrootste vlak bleef een echte knalzege uit ook al liet hij zich meermaals opmerken, onder meer toen hij vorig jaar na een Tourrit de prijs van de strijdlust kreeg. Gisteren bleef hij aan het einde van het BK – dat 180 kilometer lang een saai kijkstuk was maar de kijkers tijdens de laatste drie ronden wel kon bekoren – net iets sneller dan een ontgoochelde Sep Vanmarcke.

De koers was anderhalve ronde oud of drie renners trokken op avontuur. Onder hen: Jürgen Roelandts. Twee jaar geleden zorgde hij op het BK in Tervuren net niet voor een huzarenstukje door ook vanaf kilometer één weg te springen. Toen kwam een groep van 25 tot stand. Na een afvallingskoers moest Roelandts – die al in 2008 Belgisch kampioen was geworden – de duimen leggen voor Preben Van Hecke. Gisteren kreeg hij alleen de Waal Kevyn Ista (Veranclassic) en baanrenner Jonas Rickaert (Sport Vlaanderen) mee. Hun avontuur duurde tot aan kilometer 180.

Vanaf dat moment viel de wedstrijd geen seconde meer stil. De eerste aanvaller was zowaar iemand uit de provincie Antwerpen: Stijn Steels, maar lang hield hij het niet vol. Het was wel het sein voor de anderen om ook het onderste uit de kan te halen. Philippe Gilbert bijvoorbeeld. De regerende Belgische kampioen koos vorig jaar op 55 kilometer van de meet het hazenpad. Nu deed hij dat vijftien kilometer verder maar de tegenstanders – in de eerste plaats Wout Van Aert – lieten hem niet begaan. Met nog 24 kilometer te fietsen werd een kopgroep van dertien gevormd. Bij het ingaan van de laatste ronde bleven vooraan nog vijf renners over: Naesen, Keukeleire, Vanmarcke, Stuyven en de verrassend sterke Nathan Van Hoydonck. De neef van Edwig toonde zich voor het eerst bij de grote jongens maar wat hij liet zien laat het beste verhopen voor de toekomst.

‘DIT LIJKT WEL ONWEZENLIJK’

Wat iedereen verwachtte gebeurde ook op anderhalve kilometer voor de aankomst: Sep Vanmarcke toog in de aanval. Het enige resultaat van deze poging was dat Van Hooydonck moest afhaken. Het overgebleven kwartet begon elkaar te beloeren waardoor Nathan  toch nog kon terugkomen. In een adembenemende spurt leek Vanmarcke het te zullen halen. Met een ultieme jump liet Naesen hem echter ter plaatse. De grote blokken van Lotto Soudal en (vooral) Quick Step lieten zich in de loeren leggen door een renner van AG2R, dat slechts met een duo – de andere renner was Bakelants – aan de start verscheen.

‘Dit lijkt wel onwezenlijk’, zei de nieuwe tricoloretruidrager. ‘Ik heb zo de indruk dat men elk moment zal komen zeggen dat ik toch niet heb gewonnen. Neen, mijn contract is nog niet aangepast. Hoogtijd dat ik daar met de bazen eens over ga praten. Wanneer ik de volgende dagen opnieuw ga trainen in het gezelschap met Greg Van Avermaet dan zal het aan mij om zijn om te trakteren. Die afspraak hebben we gemaakt: diegene die het laatst heeft gewonnen, mag de koffie betalen. Ik ben er echter van overtuigd dat in de weken die daarop volgen Greg nog vaak in zijn gelbeugel zal mogen duiken. Ik ben al een tijdje aan het dromen van deze overwinning. Ik was niet naar Antwerpen gekomen om tweede te worden. Ik besefte dat het enkel wachten was tot het laatste puzzelstukje zou worden gevonden om op het hoogste schavotje plaats te nemen. Vandaag was het zover.’

Naesen is geen echte rasspurter. ‘Maar mijn sprint is wel constant. Zelfs na een lange wedstrijd kan ik nog behoorlijk uithalen. Dat speelt in mijn voordeel. Vandaag ben ik er tot op het laatste moment blijven in geloven. Ik voelde dat ik sterk was maar besefte dat de anderen ook niet meteen naar adem moesten happen. Ik richtte me in eerste instantie naar Stuyven, omdat ik dacht hij de gevaarlijkste pion zou zijn. Tot Sep dan plots kwam opduiken. Deze zege geeft me vleugels. Ik ben klaar om een goede Ronde van Frankrijk te rijden.  Vanochtend had ik een dubbel gevoel: ik besefte dat ik in staat was om iets laten zien, maar anderzijds vreesde ik een massaspurt. Goed, ik rij de volgende twaalf maanden dan wel in deze trui rond, maar dat betekent niet dat mijn status zal veranderen. Ik plaats me nog altijd op dezelfde hoogte als een Keukeleire of Stuyven: een goede subtopper dus. Ik merk dat ik elk jaar een stap vooruit zet. Vraag is uiteraard waar ik uiteindelijk zal belanden. Ik denk dat ik veel van de goede resultaten die ik tot nu toe heb behaald, te danken heb aan mijn underdogpositie. Misschien dat ik daar nu minder van zal kunnen profiteren.’

Met een flauwe woordspeling zouden we kunnen zeggen dat ‘SIP’ Vanmarcke de meest ondankbare ereplaatste bekleedde. ‘Natuurlijk ben ik heel ontgoocheld. Ik zou trots en blij moeten zijn omdat ik na een heel zware periode met het zilver naar huis kan, maar wanneer je met vijf of tien centimeter verschil wordt geklopt, dan loop je ook behoorlijk te balen. Ik hoef mezelf niets te verwijten. Iedereen keek naar mij. De anderen wisten dat ik zou aanvallen maar ik geraakte niet weg. Vanuit de volgwagen riep men dat ik de spurt moest aanzetten. Dat bleek geen foutieve keuze, want uiteindelijk was alleen Oliver mij te snel af. Tot aan de Ronde van Zwitserland ging alles in stijgende lijn. Nadien ging ik op hoogtestage maar dat is me slecht bevallen in Halle-Ingooigem. De voorbije dagen heb ik dan opnieuw op een ‘gewone’ manier naar deze wedstrijd toegeleefd. Ik zit weliswaar in de voorselectie van de Tour maar de kans dat ik zaterdag aan de start sta in Düsseldorf is bijzonder klein.’

Tekst: Edwin Mariën
Foto’s: Marc Bogaerts

Pin It on Pinterest