Meer dan twintig procent van bezoekers fitnesscentra test positief op doping

NADO Vlaanderen, de instelling die in Vlaanderen dopingcontroles uitvoert, publiceerde de resultaten van de 2 002 dopingtests die het in 2017 uitvoerde. Daarvan vonden er 1 063 plaats binnen wedstrijdverband, 863 buiten competitie en 76 in fitnesscentra. Buiten wedstrijdverband – enkel van toepassing bij de elitesporters die hun verblijfsgegevens moeten opgeven – werd er slechts één dopinggeval (0,1 procent) vastgesteld. Bij de controles in fitnesscentra testte 21,1 procent van de ge-controleerden positief, een lichte stijging tegenover 2016 (20,8 procent).

Ongeveer 40 procent gaat over het gebruik van stimulantia, vooral om amfetamines. Deze stoffen helpen de sporter om de maximale pijngrens te verleggen en alerter te reageren. Weigeringen zijn goed voor ongeveer twintig procent van de dopingpraktijken. Heel wat sporters wensen geen dopingcontrole te ondergaan ook al wordt hen door de controleartsen steeds gewezen op de mogelijke risico’s tot bestraffing. Gebruik van anabolica en testosteron bedraagt ongeveer zeventien procent. Die stoffen werken spierversterkend en verbeteren het recuperatievermogen maar zijn uiterst schadelijk voor de gezondheid.

Omdat de tests ‘gericht’ zijn uitgevoerd, namelijk in fitnesscentra waarvan ernstig wordt vermoed dat er doping wordt gebruikt is het percentage vermoedelijk hoger dan het algemene gemiddelde in de doorsnee fitnesscentra maar toch is het aantal afwijkende resultaten zorgwekkend. Dit ongecontroleerde gebruik van anabolen houdt namelijk een groot gevaar in voor de fysieke en psychische gezondheid van de sporter zelf (hartproblemen, verhoogde kans op tumoren, impotentie,…) maar ook meer en meer voor de personen in de onmiddellijke omgeving van de sporter (agressief gedrag). Cijfers in de ons omliggende landen wijzen op een mogelijk percentage gebruikers van meer dan tien procent en dit gegeven verantwoordt begrijpelijkerwijze de voortdurende controle in deze sector, ook al gaat het hier hoofdzakelijk over zogenaamde ‘recreanten’ of niet-competitiesporters.

Gelukkig is bij een groot aantal sporten geen enkel afwijkend resultaat binnen wedstrijdverband vastgesteld. Bij een aantal sporten noteerde men dan weer wel een significant aantal (meer dan tien procent) dopingpraktijken, namelijk bij Ju-jitsu, padel, squash en wushu (één op de zes geteste sporters = 16,7 procent), bodybuilding (vier op 31 = 12,9 procent) en powerlifting (vier op 36 = 11,1 procent).

Dit jaar wordt er nog meer ingezet op targettesting, en zal men intensiever gebruikmaken van biologische paspoorten. NADO Vlaanderen zal ook gerichter samenwerken met de andere NADO’s in België en met de politie en het parket. Er zullen, in navolging van de WADA-richtlijnen, strengere straffen worden opgelegd aan doelbewuste dopinggebruikers en hun entourage. Met name de opsporing en bestraffing van zogenaamde ‘sportbegeleiders’, derden die sporters aanzetten tot dopingpraktijken, zal meer aandacht krijgen. Er zal een studie worden uitgevoerd teneinde meer zicht te krijgen op het brede anabolengebruik in de maatschappij, ruimer dan in de sportsector alleen. De doelgroep blijft dezelfde: zowel elitesporters over breedtesporters in competitieverband, tot recreanten in de fitnesssector.

Tekst: Edwin Mariën
Foto: www.alimentazionesportiva.it

Pin It on Pinterest