Heidi Van de Vijver: ‘Ik ben beschaamd over het niveau van sommige rensters’

BORGERHOUT – In Brasserie 2014 werd de Grote Prijs Sofie Goos voorgesteld, een wedstrijd die op zondag 8 juli in en rond Borgerhout zal worden gereden en meetelt voor de Lotto Cycling Cup. Meer hierover volgende week op deze website. De organisatoren hadden voor de gelegenheid Heidi Van de Vijver als gastspreker uitgenodigd. Het wielrennen mist ze niet, meer zelfs: ze krijgt de tranen in de ogen wanneer ze het niveau bekijkt van de Belgische kermiswedstrijden. Daarom hoopt ze dat de Lotto Cycling Cup voor een kentering zal zorgen en vooral ook voor een mentaliteitswijziging.

Van De Vijver (49) werd twee keer nationaal kampioene op de weg en driemaal in het tijdrijden. Ze won de Ronde van de EEG, de Ronde van de Vendée en de Ronde van Mallorca en behaalde ritzeges in Parijs-Bourges, de Ronde van de Aude, de Ronde van Aquitanië en de Masters Tour. In de Ronde van Frankrijk werd ze twee keer derde en finishte ze zesmaal in de top-tien. In 2004 moest ze een punt zetten achter haar actieve carrière. Een elleboogblessure en – vooral – problemen met de schildklier – zorgden ervoor dat zij hierdoor een derde deelname aan de Olympische Spelen moest missen. Daarna werd ze ploegleider maar toen haar laatste team, Lensworld-Kuota, er mee ophield en de sponsors in laatste instantie afhaakten, verliet zij vorig jaar ontgoocheld de wielerwereld. ‘De Lotto Cycling Cup vind ik een mooi initiatief. Ik verwacht dan ook veel van de GP Sofie Goos. Die wordt weliswaar tegelijkertijd gereden met de Giro voor vrouwen, maar hierdoor kunnen de subtoppers en aankomende talenten zich bewijzen. In ieder geval staan er al mooie namen op de erelijst.’ Dat er geen enkele Belgische ploeg zal aanwezig zijn in de Giro Rosa noemt ze geen toeval. ‘Ten eerste kan je niet ontkennen dat de budgetten in Nederland een stuk hoger liggen dan bij ons. Maar er is ook het gebrek aan ambitie bij onze rensters. Onze meisjes staan niet te springen om harde koersen te rijden. Hoe kan je dan ooit groeien?’

‘In vergelijking met mijn tijd zijn de budgetten vertienvoudigd. Toen ik koerste was ik de enige prof. Nu wil iedereen dat zijn en smeekt men om een minimumloon te verdienen, maar men presteert er niet naar. In België vind je sowieso geen sponsors die 500 000 euro willen ophoesten. Daardoor moddert iedereen maar wat aan en is de kloof tussen de top en de rest almaar groter aan het worden. Er zijn gewoon te weinig goede renners om tien ploegen of meer mee te stofferen. Ik ben altijd ambitieus geweest en nu nog. Daarom ook dat ik niet meteen terug naar het wielerwereldje wil. Het niveau is momenteel te laag en kan me niet motiveren. Wanneer je kijkt naar Nederland, Duitsland, de Verenigde Staten en Italië, dan huppelt het Belgisch vrouwenwielrennen ver achterop. In Nederland rijdt men dagelijks in het park. In de criteriums wordt van begin tot einde gevlamd, op kleine, nijdige omlopen. Bij ons haalt men een belachelijk gemiddelde. Ik ga nooit meer kijken naar dat soort wedstrijden. Ik voel een vervangende schaamte in die meisjes hun plaats. Vorig weekend ben ik voor het eerst in twee jaar nog eens gaan fietsen. Ik heb lang in de put gezeten maar nu werk ik parttime voor Raceviz, dat reflecterende kledij verkoopt waardoor je je veilig in het verkeer kan begeven. Hierdoor verbreedt mijn wereld. Binnenkort heb ik een afspraak met Steven Rooks bijvoorbeeld. En voor de rest slaap ik wat langer – iets waarvoor ik me aanvankelijk schuldig voelde – en kijk ik naar wielerwedstrijden op tv, wat ik nooit deed toen ikzelf actief was. De gelukkigste thuis is mijn hond want nu heb ik tijd om vier keer per dag met hem te gaan wandelen. Wat 2019 me brengt zie ik wel: alles kan, niets moet. Het belangrijkste is dat ik het plezant blijf vinden.’

Tekst: Edwin Mariën
Foto: Marc Demartin

 

 

Pin It on Pinterest