Alejandro Valverde schiet voor de vijfde maal als een Waalse Pijl uit een boog

HOEI – Dolgelukkig was hij deze avond even voor klokke vijf: Alejandro Valverde. Raar misschien want de Spanjaard was als topfavoriet aan deze Waalse Pijl begonnen. Hij schreef de eerste wedstrijd van het Ardense tweeluik al vier keer eerder op zijn naam. Ook in Luik-Bastenaken-Luik was hij al driemaal de sterkste. Valverde won de Waalse klassieker voor het eerst in 2006 en deed dat de laatste vier jaar nog eens dunnetjes over. Wie zijn spaarcenten heeft ingezet op een overwinning van Valverde zal die nauwelijks zien aandikken. Het palmares van de man uit Murcia had nog indrukwekkender proporties kunnen aannemen indien hij niet betrokken was geweest in de affaires Fuentes en Puerto, twee zaken waar nooit meer naar wordt verwezen, maar die er wel degelijk zijn geweest.

Alejandro Valverde is zoals de betere wijn: hij wordt krachtiger met de jaren. Het seizoen is amper twee maand oud en de kopman van Movistar stond al tien keer op het hoogste schavotje. En niet in kermiskoersen hoor. Wat denk je van het drieluik Ruta del Sol-Ronde van Catalonië-Ronde van Baskenland?  In eigen land wordt hij niet voor niks ‘El Imbatido’ genoemd: de onklopbare. In de Amstel Gold Race stak hij al even de neus aan het venster maar kwam hij wat brandstof tekort om de kloof met de – wat later bleek beslissende kopgroep – te dichten. Geen erg want ook de voorbije jaren was Valverde niet echt ijzersterk in het Zuiden van Nederland. Zijn vertrouwen was dan ook nauwelijks aangetast toen hij vanochtend in een ijzig koud Binche (het was vier graden ’warm’, maar de gevoelstemperatuur kwam net boven het vriespunt uit) op de Grote Markt verscheen.  

Valverde toont aan dat de oudjes uit het peloton nog niet meteen mogen worden afgeschreven. Akkoord, de tegenstand oogde wat minder sterk dan de voorbije jaren. Tijdens de vorige editie had de bijna 37-jarige Valverde (volgende week viert hij zijn verjaardag) nog een aardige kluif aan Julian Alaphilippe, maar die ligt met een knieblessure in de lappenmand, en het verhaal van Philippe Gilbert kent u wel uit het hoofd. 

De openingsvraag op de persconferentie aan Valverde was origineel, het antwoord niet. Of hij er niet aan dacht om te verhuizen naar de Ardennen, de streek waar hij zijn grootste internationale successen behaalde? ‘Ik hou inderdaad wel van deze regio maar denk er niet meteen aan om hier een huis te kopen. Vandaag kreeg ik de zege niet op een schoteltje aangeboden. De hele wedstrijd lang hebben BMC en Quick Step aardig aan de boom geschud. Gelukkig vonden mijn maats een bondgenoot in de renners van het Orica van Kreuziger en Albasini. Ik moet trouwens al mijn ploeggenoten stuk voor stuk bedanken. Aan het eind hebben vooral Daniel Moreno en Jose Rojas me stevig geholpen. Tijdens de gehele wedstrijd stond er een behoorlijke tegenwind. Alleen tijdens de laatste kilometer blies hij in de rug. Een bijkomende reden waarom ik nooit heb getwijfeld dat ik het zou halen. Waarom zou ik dat huzarenstukje zondag, tijdens Luik-Bastenaken-Luik niet kunnen overdoen? Het parcours is dan wel gewijzigd maar dat doet allemaal niet ter zake. Het blijft een heel lastige wedstrijd waarin het constant aanvalspogingen zal regenen.’

‘IK KON NU EENMAAL NIET VOETBALLEN’

Een journalist met een wiskundige knobbel had uitgerekend dat Valverde tijdens de vijf edities van de ‘Flèche’ die hij won telkens zowat exact dezelfde tijd klokte op de laatste beklimming van de Muur: tussen de 2’41” en de 2’54”. ‘Is dat zo? Ik zit in ieder geval niet te rekenen op de fiets. Dan moet het snel gaan. De ene keer heb je wat meer ‘speed’ nodig dan de andere. Meer kan ik daar echt niet over zeggen.’ Zijn klimmersbenen loodsten hem al naar twee tweede plaatsen en drie derde plekken op een wereldkampioenschap. Dit jaar wordt het WK verreden in het Noorse Bergen, op een parcours waar drie bergjes liggen, die een gemiddeld stijgingspercentage van vijf procent halen. Dé uitgelezen kans voor Valverde om de regenboogtrui binnen te rijven. ‘Weet je, daar denk ik al enkele jaren aan. Ik zal zelfs meer zeggen: de voorbije seizoenen was dat een doel. Dit keer echter niet. Wie weet dat het nu wel lukt. Maar ach, we zien wel. We leven van dag tot dag. Ik heb het WK-parcours zelfs nog niet bekeken.’ Leeftijdsgenoten van Valverde zijn al aan hun derde burn-out toe terwijl hijzelf de hellingen op blijft dansen. ‘Ik hou nu één keer van wielrennen. Ik had ook voetballer kunnen worden maar daar had ik nu niet meteen aanleg voor. Ik kon als het ware eerder fietsen dan stappen. Ik heb een fijn gezin waarin ik de nodige stabiliteit vind. Waarom zou ik dan moeten stoppen met mijn passie?’

Ondanks de afwezigheid van Gilbert was Quick Step vertegenwoordigd op het podium. Daar zorgde Daniel Martin voor.  De Ier is zes jaar jonger dan Valverde en alhoewel hij Luik-Bastenaken-Luik al één keer won was zijn tweede plaats van 2011 zijn beste resultaat in de Waalse Pijl. Dat deed hij nu nog eens over. ‘Winnen zat er ook nu niet in. Ik zal moeten wachten tot Valverde met pensioen gaat. Hij was ziek voor Parijs-Nice. Ik hoopte  dat het virus nog niet helemaal uit zijn lichaam was verdwenen’, begon hij met een kwinkslag. ‘Constant hadden we de wind van voren. Dat maakte de koers anders dan de vorige jaren. Tijdens de laatste 60 kilometer werd er zenuwachtig gefietst omdat alle favorieten nog in de wedstrijd zaten. Ik had de videobeelden van de laatste vijf jaar grondig bestudeerd. Maar goed, één man was vandaag te sterk voor ons al kon ik hem nog bijna remonteren.’

De derde podiumplek was voor Dylan Teuns, die voor het eerst de neus aan het venster stak. Zelfs bij de VRT – die zowat elke wielerwedstrijd live in beeld brengt – kenden ze hem niet. Tijdens het interview voor de start kwam de naam ‘Edward Theuns’ op het scherm. Tja. De 25-jarige Diestenaar kreeg zijn opleiding bij verschillende teams die begaan zijn met het opleiden van de jeugd. BMC was er één van hen en daar rijdt hij nog steeds. Meer zelfs, hij startte in de Waalse Pijl als co-kopman aan de zijde van Samuel Sanchez. ‘Ik wist dat ik attent moest zijn aan de voet van de Muur. Daar hoor je bij de top tien te zitten of je kan het schudden. Ik begon in zesde stelling aan de voorlaatste bocht. Ik vertoefde in het  gezelschap van  Kwiatkowski en Valverde. Ik had me perfect voorbereid op deze race. Ik heb vooral de overwinningsrush van Gilbert in 2011 bestudeerd. Ik wachtte tot Valverde ging, kon hem misschien vijf meter volgen en lag dan meteen op een fietslengte achterstand. Toen Martin vanachter mijn rug wegschoot was ik niet meer in staat om te reageren. Dit was nog maar mijn derde deelname. Ik ga er dan ook van uit dat ik nog progressie zal maken. Uiteraard was het leuk om kopman te zijn maar ik ben nog veel te jong om de absolute nummer één bij BMC te zijn.’ Bij dit alles zouden we nog bijna vergeten dat op anderhalve kilometer van het einde de Luxemburgse kampioen Bob Jungels aan de leiding reed met een halve minuut voorsprong maar de Muur van Hoei snapt het brabbeltaaltje, dat niet op Frans noch op Duits lijkt, niet. Die begrijpt al vier jaar lang alleen maar Spaans. Jungels werd uiteindelijk 39ste en kreeg alsnog bijna een minuut aan zijn been. 

Tekst: Edwin Mariën




Pin It on Pinterest